Doorgangen in het hek
Er zijn negen doorgangen gemaakt in het hek tussen de groenstrook en het weiland.

Je kunt dus nu altijd de bal uit de sloot of uit de wei halen.
De doorgangen zijn te herkennen aan de ruimte tussen twee houten tuinplanken
(zie foto).



Kijk wel goed uit waar je loopt, want het is niet overal even vlak!
Houd er rekening mee, dat je op andermans terrein loopt!

Zand in gestrooide tennisbanen

De met zand in gestrooide banen staan beter bekend als kunstgrasbanen. De kunstgrasmat bestaat uit kunststofvezels getuft op een geïmpregneerde latex draagmat. Na het leggen van de mat wordt deze ingestrooid met een bepaald soort
(fijn) zand.
Wij hebben nu een omgebouwde baan, voorheen Frenchcourt, nu “kunstgras” banen. Het verschil met Frenchcourt is, dat de harde kunststof lijnen zijn vervangen door witte  kunstgras lijnen en dat het gravel vervangen is door fijn zand.
Bij de originele uitvoeringen van kunstgrasbanen is het zo, dat de lijnen verwerkt zitten in de mat, zodat deze altijd gelijk liggen met de omliggende polen. Nu zijn de lijnen later ingebracht, zodat er hoogteverschil ontstaat.
Ook zullen de speeleigenschappen anders zijn. De omgebouwde banen zijn in de regel iets trager dan de normale kunstgrasbanen. Wat mede bepalend is voor de speeleigenschap, is de hoeveelheid zand op de banen.



Momenteel ligt er nog te weinig zand op. Af en toe wordt er nog wat bij gestrooid, maar dat is niet voldoende.
Als er te weinig zand op ligt, zal de mat sneller slijten en daardoor de levensduur verkorten. De bedoeling is toch dat deze banen minimaal zes jaar mee gaan.
Dus er zal meer zand op moeten!

Het omgaan met zand in gestrooide banen en het weer
Bij regen
Bij regen mag er gewoon getennist worden. De speeleigenschap verandert hierdoor wel.
Bij vorst en sneeuw
Tijdens vorst en sneeuw gelden er speciale regels voor het bespelen van de kunstgrasbanen.
Bij vorst
Zogenaamde “droge” vorst tot circa 10 graden onder nul heeft geen effect op de speeleigenschappen van het veld. Er kan dan gewoon gespeeld worden. Bij nog lagere temperaturen veranderen de eigenschappen van het veld. De vezels verharden en worden gevoeliger voor schade. Bij zeer strenge vorst, onder de -15 graden, is het gebruik van de banen dan ook af te raden.
Wanneer net voor of tijdens de vorstperiode de mat nat is geworden, zal de bovenlaag veel vocht bevatten, dat bevriest. Op dit moment is het oppervlak glad en onbespeelbaar.
Bij sneeuw
Wanneer het veld bedekt is met sneeuw, mogen de banen niet betreden worden.
De meningen verschillen over het weghalen van de sneeuw. De mogelijkheid bestaat, dat er zand meegenomen wordt en de pool beschadigd wordt.
Natte sneeuw of ijsregen kan onder aan de schoenzolen blijven plakken. In die gevallen neemt men meestal ook zand mee vanaf de kunstgrasmat. Wanneer dit het geval is, moeten de spelers onmiddellijk stoppen met spelen!
Bij opdooi
Bij het invallen van de dooi, na de vorstperiode, mogen we niet op het veld. Dan is namelijk de bovenlaag vaak al ontdooid, terwijl de vorst nog wel dieper in de grond zit. Bij kunstgrasbanen die op een lava-ondergrond liggen, veroorzaak je bij het bespelen allerlei kuilen in deze sporttechnische laag direct onder het kunstgras.
Die kuilen zijn nagenoeg niet te herstellen .
In de praktijk zal al weer na enkele dagen, nadat de dooi is ingevallen, op de banen gespeeld kunnen worden.
Samengevat luidt het als volgt:
- bij sneeuw de kunstgrasvelden niet betreden en zeker niet bespelen.
- de gevallen sneeuw op natuurlijke wijze laten verdwijnen. Het is dus niet toegestaan de sneeuw met een sneeuwschuiver of bezem te verwijderen!
- bij ijzel of natte sneeuw de kunstgrasbanen niet gebruiken.
- Bij opdooi – na een periode van vorst – kan er niet worden gespeeld.
- Tijdens een droge vorstperiode tot –10 graden kan er normaal op de kunstgrasbanen worden gespeeld.

De Baancommissie